GRAFIEKEN EN FORMULES Overzicht
Exponentiële vergelijkingen

Voorbeeld 2

In het water van een meer is verontreiniging ontdekt, er wordt op een bepaald moment 40 mg/L (milligram per liter) van een bepaalde stof in het water aangetroffen. Gelukkig wordt deze stof op natuurlijke wijze afgebroken. De concentratie vervalt exponentieel met 20% per dag.

Voor deze concentratie geldt: C = 40 · 0,80t.

t (dagen)0123456
C (mg/L)403225,620,516,413,110,5

Na verloop van tijd is de concentratie gehalveerd. Dat noem je de halveringstijd. Vanaf welke concentratie je ook begint te rekenen, telkens is de halveringstijd hetzelfde. Je vindt deze halveringstijd door op te lossen:

0,80t = 0,5

Ga met behulp van inklemmen na, dat de halveringstijd (in twee decimalen nauwkeurig) 3,11 dagen is. Dat is ongeveer 3 dagen, 2 uur en 38,4 seconden.

Uitleg
Voorbeeld 1
Voorbeeld 2
C14-methode