Van breuk naar decimaal getal

Verkennen

Opgaven

  1. Hier zie je alle munten van ons geldstelsel. De basismunt is de munt van 1 euro.
    1. Op de munt van `1/2` euro staat 50 eurocent. Leg uit dat dit betekent dat `1/2` euro gelijk is aan € 0,50.
    2. Met welke breuk kun je aangeven welk deel de munt van 20 eurocent is van de euro?
    3. Leg aan de hand van deze munten uit, dat `1/10 = 0,10` en dat `1/100 = 0,01`.
    4. Welke breuk hoort er bij 0,05? En bij 0,02?


Uitleg

Bij elke breuk hoort een decimaal getal. Als je breuken omrekent naar tienden, honderdsten, enzovoorts, dan kun je ze gemakkelijk als decimaal getal schrijven.

Opgaven

  1. Je wilt `3/4` als decimaal getal schrijven.
    1. Leg uit dat `3/4 = 75/100`.
    2. Welk decimaal getal is gelijk aan `3/4`?
    3. Voer met je rekenmachine de deling 3/4 uit. Krijg je hetzelfde als bij b?

  2. Vul het juiste decimale getal in:
    1. `1/4 = ...`
    2. `2/5 = ...`
    3. `7/8 = ...`
    4. `15/16 = ...`
    5. `3/20 = ...`
    6. `9/25 = ...`

  3. Een staatslot kost 15 euro, maar je kunt er ook voor kiezen om niet voor de jackpot (maximaal 27,5 miljoen euro) mee te spelen. In dat geval gaat het lot 13 euro kosten.